De eerste keer alleen op reis. De eerste keer op een dansvloer zonder vaste partner. De eerste keer solliciteren na je pensioen, een datingsite openen of met kleinkinderen videobellen. We praten bij ouder worden vaak over alles wat voor het laatst gebeurt. Maar ook na je zestigste ligt het leven nog vol eerste keren.

Er is een moment waarop het lijkt alsof je de meeste dingen inmiddels wel hebt meegemaakt. Je bent voor het eerst verliefd geweest, hebt misschien een gezin gesticht, een loopbaan opgebouwd, afscheid genomen, fouten gemaakt, opnieuw begonnen en geleerd hoe snel twintig jaar voorbij kan gaan.
Daardoor krijgt ouder worden gemakkelijk het karakter van een terugblik. Fotoalbums worden dikker, verhalen beginnen vaker met “vroeger” en de samenleving vraagt vooral hoe je wilt afbouwen. Alsof de jaren na je zestigste voornamelijk bestaan uit herhalingen van wat er al was.
Maar ondertussen gebeurt er iets anders.
Iemand stapt voor het eerst alleen in een nachttrein. Een ander trekt na veertig jaar huwelijk voor het eerst een eigen voordeur achter zich dicht. Er wordt een instrument gehuurd, een elektrische fiets uitgeprobeerd, een onbekende aangesproken, een cursus kunstgeschiedenis geboekt. Soms is de eerste keer feestelijk. Soms is hij noodgedwongen. Soms merk je pas achteraf dat je aan een nieuw hoofdstuk bent begonnen.
Een eerste keer na je zestigste is anders dan een eerste keer op je twintigste. Niet noodzakelijk minder spannend, maar wel rijker beladen.
Je neemt ervaring mee. Je weet dat plannen kunnen mislukken, mensen kunnen tegenvallen en lichamen grenzen hebben. Je weet ook dat ongemak meestal voorbijgaat, dat verdriet te dragen is en dat een verkeerde afslag soms een beter verhaal oplevert dan een vlekkeloze reis.
Jongeren worden vaak moedig genoemd wanneer ze zonder veel voorbereiding ergens aan beginnen. Op latere leeftijd kan moed juist betekenen dat je precies weet wat er mis kan gaan en het desondanks probeert.
Dat kan gaan over iets zichtbaars, zoals voor het eerst alleen reizen. Maar ook over iets wat niemand ziet: voor het eerst hulp vragen. Voor het eerst zeggen dat je eenzaam bent. Voor het eerst een uitnodiging weigeren zonder een uitgebreide verklaring. Voor het eerst hardop erkennen dat het leven dat jarenlang bij je paste, dat niet meer doet.
Niet iedere eerste keer levert een mooie foto op. Sommige veranderen vooral de manier waarop je naar jezelf kijkt.
Het idee dat mensen op latere leeftijd nauwelijks meer kunnen leren, klopt niet. Volgens het Amerikaanse National Institute on Aging kunnen oudere volwassenen nog steeds nieuwe vaardigheden leren, nieuwe herinneringen vormen en hun taalvaardigheid verder ontwikkelen. Het tempo of de manier waarop je leert kan veranderen, maar het vermogen verdwijnt niet simpelweg na een bepaalde verjaardag.
Een groot Amerikaans onderzoek volgde ruim 12.000 mensen van 65 jaar en ouder. Deelnemers die op latere leeftijd cursussen of trainingen volgden, hadden gemiddeld een betere cognitieve functie dan mensen die nooit aan dergelijke leeractiviteiten deelnamen. Het betreft een verband en geen bewijs dat een cursus op zichzelf cognitieve achteruitgang voorkomt, maar de uitkomsten ondersteunen wel het belang van blijven leren.
Ook kleinere interventiestudies laten zien dat het voor gezonde oudere volwassenen haalbaar is om verschillende ingewikkelde vaardigheden tegelijk te leren, bijvoorbeeld een taal, fotografie en het gebruik van digitale apparatuur. In deze studies gingen zulke leerperioden samen met verbeteringen op bepaalde cognitieve tests.
Dat betekent niet dat iedere zestigplusser onmiddellijk drie cursussen moet boeken. Nieuwe dingen proberen is geen medicijn en ouder worden is geen persoonlijk verbeterproject. Het betekent vooral dat nieuwsgierigheid geen leeftijdsgrens heeft.
Toch kan die eerste stap verrassend veel weerstand oproepen.
Na tientallen jaren ben je op veel terreinen geen beginner meer. Je weet hoe je werk werkt, hoe je gasten ontvangt, hoe je een reis plant of een probleem oplost. Het kan ongemakkelijk zijn om plotseling weer degene te zijn die de instructies niet begrijpt, de verkeerde knop indrukt of twee tellen achter de muziek aan danst.
Daar komt bij dat de wereld niet altijd vriendelijk is voor oudere beginners. Een website die onbegrijpelijk is ontworpen, een docent die te snel gaat of een sportclub vol ervaren deelnemers kan het gevoel oproepen dat je ergens niet thuishoort. Het probleem is dan niet dat je “te oud” bent, maar dat de omgeving weinig ruimte laat om rustig te leren.
Een goede eerste keer vraagt daarom niet alleen moed. Hij vraagt ook om geschikte omstandigheden: duidelijke uitleg, een welkom gevoel en de vrijheid om iets nog niet te kunnen.
Misschien is dat de grootste omschakeling: jezelf toestemming geven om weer onhandig te zijn.
Bij een eerste keer denken we al snel aan parachutespringen, een wereldreis of het beginnen van een onderneming. Maar nieuwigheid zit niet alleen in grote gebaren.
Het kan de eerste keer zijn dat je:
De grootte van de gebeurtenis zegt weinig over de betekenis ervan. Voor de één is een reis naar Japan vertrouwd terrein, terwijl een eerste yogales grote spanning oproept. Voor een ander is praten met vreemden eenvoudig, maar voelt alleen naar de bioscoop gaan als een overwinning.
Je hoeft je eerste keren niet met die van iemand anders te vergelijken. Nieuw is persoonlijk.
Een pleidooi voor eerste keren is geen aanval op regelmaat. Juist naarmate het leven verandert, kunnen vaste rituelen houvast geven: dezelfde ochtendwandeling, de krant aan de keukentafel, iedere donderdag koffie met een vriend.
Onderzoek laat bovendien geen simpel verband zien tussen zo veel mogelijk verschillende activiteiten en dagelijks geluk. In een studie onder gepensioneerde volwassenen verschilden de effecten van afwisseling sterk per persoon. Meer variatie maakte niet automatisch iedere dag beter. Ander onderzoek suggereert dat regelmaat in sociale contacten juist kan bijdragen aan het emotionele welzijn van oudere volwassenen.
Routine en vernieuwing hoeven dus niet met elkaar te concurreren. Een vertrouwd leven kan een veilige basis zijn van waaruit je af en toe iets onbekends probeert.
Niet iedere dag hoeft een avontuur te worden. Eén open deur is genoeg.
Een goede eerste keer hoeft niet indruk te maken op anderen. Hij moet iets in jou wakker maken: nieuwsgierigheid, plezier, betrokkenheid of misschien zelfs een gezonde dosis zenuwen.
Begin klein genoeg om werkelijk te beginnen. Wie droomt van alleen reizen, kan eerst een dag met de trein naar een onbekende stad. Wie wil optreden, kan beginnen met zingen in een groep. Wie meer mensen wil ontmoeten, hoeft niet direct een zaal vol vreemden binnen te stappen; één cursus, wandeling of gezamenlijke lunch kan voldoende zijn.
Neem iemand in vertrouwen. Niet noodzakelijk om mee te gaan, maar om tegen te zeggen: “Ik wil dit proberen.” Een voornemen wordt concreter zodra een ander ervan weet.
En spreek niet te snel een oordeel uit. Een eerste les mag tegenvallen. Een eerste afspraak mag stroef zijn. Een eerste digitale handeling mag drie keer mislukken. Je weet vaak pas na de tweede of derde poging of iets werkelijk niet bij je past.
De eerste keer is geen examen. Het is een kennismaking.
Schrijf drie dingen op die je nog nooit hebt gedaan:
Iets kleins, dat je deze week kunt proberen.
Iets spannends, waar je al langer nieuwsgierig naar bent.
Iets belangrijks, dat iets kan veranderen in je leven.
Kies er vervolgens één. Bepaal niet alleen wat je gaat doen, maar ook wanneer. Maak de eerste stap zo eenvoudig mogelijk: zoek de cursus op, stuur het bericht, reserveer een kaartje of vraag iemand mee.
Je hoeft jezelf na je zestigste niet volledig opnieuw uit te vinden. Je bent niet leeg en je begint niet vanaf nul. Alles wat je hebt meegemaakt, reist met je mee.
Maar tussen alles wat je al kent, mag nog iets onbekends verschijnen.
Misschien is dat wel een van de mooiste kanten van ouder worden: beseffen dat een rijk verleden en een nieuwe eerste keer uitstekend naast elkaar passen.