Wat doet digitaal gebruik met je brein als je ouder wordt?

Je telefoon onthoudt afspraken, wijst de weg en bewaart de naam van dat ene restaurant. Je zou kunnen denken dat je geheugen daardoor steeds minder te doen krijgt. Een groot overzichtsonderzoek onder vijftigplussers geeft aanleiding om die gedachte nauwkeuriger te bekijken.

In samenwerking met

Wat doet digitaal gebruik met je brein als je ouder wordt?
Proudies Redactie

Door 

Proudies Redactie

Gepubliceerd op

Nov 4, 2026

Meer dan vierhonderdduizend deelnemers

Onderzoekers Jared Benge en Michael Scullin brachten in 2025 studies naar algemeen digitaal gebruik en cognitieve gezondheid bij elkaar. Van 136 geschikte publicaties konden er 57 worden samengevoegd in een statistische analyse. Samen betroffen die 411.430 deelnemers, bij aanvang gemiddeld bijna 69 jaar oud. De resultaten verschenen in Nature Human Behaviour.

Gebruik van digitale technologie hing samen met minder cognitieve beperkingen. Ook in studies die mensen langere tijd volgden, was er een verband met minder achteruitgang. Dat verband bleef overeind wanneer rekening werd gehouden met onder meer opleiding, sociaaleconomische omstandigheden en gezondheid.

Het ging om observationeel onderzoek. Mensen kregen dus niet willekeurig de opdracht om jarenlang veel of weinig technologie te gebruiken. Misschien helpt digitaal gebruik het denken. Misschien blijven mensen die cognitief goed functioneren makkelijker digitaal actief. Beide kunnen tegelijk spelen. Een oorzakelijk beschermend effect is hiermee niet bewezen.

Achter een scherm gebeurt van alles

De onderzoekers opperen verschillende verklaringen voor het gevonden verband. In een toelichting van Baylor University noemt Scullin het leren omgaan met veranderende apparaten en programma's. Een nieuwe toepassing vraagt dat je iets uitzoekt, stappen onthoudt en oplossingen probeert.

Ook contact kan een rol spelen. Via berichten, e-mail en beeldbellen kun je betrokken blijven bij mensen die je niet dagelijks ziet. Daarnaast kunnen herinneringen en navigatie helpen om dagelijkse handelingen zelfstandig uit te voeren. Dat zijn mogelijke verklaringen. Het overzicht stelt niet vast hoeveel elk van die mechanismen bijdraagt.

Denk bij digitaal gebruik dus aan heel verschillende bezigheden. Je kunt een avond door foto's bladeren, een muziekstuk leren spelen met een instructievideo of samen met iemand een oude buurt opzoeken. Het apparaat is hetzelfde. Wat je doet, vraagt telkens iets anders van je aandacht.

Een geheugensteuntje hoort bij het leven

Er zit een merkwaardige strengheid in de gedachte dat je alles zelf zou moeten onthouden. Op papier vinden we een boodschappenlijstje vanzelfsprekend. Bij een melding op de telefoon ontstaat sneller de vraag of we iets uit handen geven. In beide gevallen besluiten we dat een afspraak belangrijk genoeg is om vast te leggen.

Je kunt een hulpmiddel ook beoordelen op wat het je oplevert. Krijg je een foto eindelijk bij de juiste persoon? Vind je de wandelroute terug? Lukt het je om een kaartje te bestellen zonder dat iemand het overneemt? Dat zijn concrete opbrengsten, ook zonder belofte over je toekomstige hersengezondheid.

Wie iets nieuws wil leren, kan daarom beginnen bij een eigen wens. Een gedeeld fotoalbum maken bijvoorbeeld. Vraag iemand om de eerste keer mee te kijken en voer de stappen zelf uit. Een doel dat je werkelijk interesseert, maakt zo'n oefening een stuk minder schools.

Geen recept voor meer schermtijd

Uit deze analyse volgt geen aanbevolen aantal schermuren. Evenmin bewijst zij dat een bepaalde app dementie voorkomt. Het onderzoek gaat bovendien over mensen die grotendeels opgroeiden voordat smartphones bestonden. De uitkomsten vertellen ons niet hoe een leven lang digitaal gebruik vanaf de kindertijd zal uitpakken.

Voor je eigen dag is een kleinere vraag bruikbaarder: waar wil je dit apparaat voor inzetten? Misschien voor een taalles, misschien voor familiecontact, misschien alleen voor de treinreis. Je hoeft van ieder gebruiksmoment geen hersenoefening te maken.

Een telefoon kan een afspraak voor je onthouden. Het gesprek waarvoor je op pad gaat, voer je nog altijd zelf.

Praktisch en verder lezen

Verder lezen: het oorspronkelijke overzicht van Benge en Scullin en de toelichting van Baylor University staan hieronder. Dit artikel bespreekt onderzoek naar algemeen digitaal gebruik, geen behandeling of individuele voorspelling van dementie.

Benge en Scullin: A meta-analysis of technology use and cognitive aging (2025)

Baylor University: mogelijke verklaringen voor het gevonden verband

‍

Vergelijkbare artikelen