Sneeuw doet iets merkwaardigs. Buiten is alles stiller. En wij worden weer kind. Herinneringen aan vroeger in je eigen buurtje komen spontaan boven. Sneeuwballengevecht (als ik ergens een hekel aan had!), sneeuwpoppen in alle soorten en maten, en op de slee achter de bromfiets van papa, de tractor of zelfs de auto. Niemand vond het gevaarlijk en iedereen wilde aanhaken.

De laatste dagen lees ik zeer verschillende reacties van mensen van alle leeftijden. Ik kan niet zien of ze misschien een beperking hebben, maar het varieert van: zeer beslist niet naar buiten, tot: hup, schoenen met profiel, wandelstokken en gaan met die banaan. Want dit is tenslotte een uitstervend natuurfenomeen. Al zal het ‘onze’ tijd -van de senioren- nog wel duren.
Velen willen inderdaad naar buiten. Sleeën met de kleinkinderen, wandelen door witte landschappen, misschien zelfs nog een keer op de ski’s. Bewegen houdt ons jong, zeggen ze. En dat is waar. Maar bewegen brengt ook risico’s met zich mee — vooral wanneer balans, spierkracht en reactiesnelheid niet meer vanzelfsprekend zijn.
Ja, dat is confronterend. Ik voel het zelf ook.
Sneeuw of niet, we wandelen sowieso al wat trager, zetten onze voeten bedachtzamer neer, en kijken zowel op de stoep als op ongeplaveide paden naar de grond met grote concentratie. Dit laatste is niet altijd aan te bevelen want dan zie je weer niet welke boomwortel of losse tegel er drie meter voor je ligt te wachten.
We weten het allemaal, vallen is geen kinderspel meer. We doen van alles om maar niet te vallen, waarbij de angst onze grootste vijand is. Hoe banger, hoe verstijfder, hoe harder de val. Het is bewezen. Maar ja, wat doe je eraan?
Er is hoop!
Nog niet iedereen weet dat vallen te trainen is. Niet alleen het voorkomen ervan, maar ook hoe je valt. Hierbij komt zelfs een verrassing om de hoek kijken: valtraining in combinatie met dansles ofwel dansles in combinatie met valtraining. Bij een dansschool! Hoe leuk is dat?

Bij mijzelf kriebelt al een tijdje de wens om -weer- te gaan dansen. Stijldansen maar ook freestyle of de jive. Die ziet er altijd zo makkelijk en vrolijk uit. Ik heb een levenslange sterke neiging om op enig moment getriggerd door een bepaalde song, me uit te leven in dans. Luidkeels meezingend. Vroeger vaker dan tegenwoordig, maar tot mijn eigen verbazing afgelopen eerste kerstdag tijdens het dessert. Zeg nou zelf, wie kan er blijven zitten bij Thank God It’s Christmas van Queen? Die moet gewoon keihard. Ieder gesprek wordt onmogelijk dus blijft er maar één ding over: dansen!
Wil je ook het aangename met het nuttige combineren, zoek dan op het internet: dansscholen met dansles voor ‘volwassenen’ inclusief valpreventie. Het bestaat gewoon!
Mensen die regelmatig dansen of op dansles zitten, vallen anders. Hun lichaam weet wat draaien is, meeveren, loslaten, gewicht verplaatsen. Ze verstijven minder. Ze breken minder. Ze reageren sneller en soepeler wanneer het even misgaat. Dans leert je lichaam om -mee- te bewegen in plaats van je -tegen- te verzetten. En juist dat is het verschil tussen een blauwe plek en een breuk.
Denk bij valtraining aan simpele draaibewegingen, ritmegevoel, balans, lichaamsbewustzijn.
Oefenen met vertrouwen in je eigen lichaam.
Niet om nooit meer te vallen -dat is een illusie- maar om het beter te doen wanneer het gebeurt.
Want vallen hoort bij het leven, maar breken niet.
Ik herhaal het nog maar eens tot vervelens toe:
Hoe ouder we worden, hoe belangrijker om te blijven bewegen.
Niet harder, maar slimmer.
Niet angstig, maar bewust.
Niet krampachtig, maar soepel.
Zeg nou zelf, wie wil er niet oud worden met een lekker ritme in de botten?
Meer columns lezen van Simone? Klik dan hier.