Lang is ze een voetnoot geweest. Een bijzin in het verhaal van de moderne kunst, meestal gevolgd door de naam van haar beroemdste tijdgenoot en partner. Maar in Contours of a World, de grote tentoonstelling in het Guggenheim Museum, stap je een andere geschiedenis binnen. Een waarin Gabriele Münter niet langer ‘de vrouw van’ is, maar een kunstenaar met een eigen blik, een eigen radicaliteit en een oeuvre dat verrassend actueel aanvoelt.

Je ziet het al bij binnenkomst. De kleuren zijn helder maar niet luid. De lijnen zijn stevig, soms bijna kinderlijk, maar nooit naïef. Dit is geen kunst die indruk probeert te maken door complexiteit; dit is kunst die je dwingt beter te kijken. Naar vormen. Naar relaties. Naar hoe een wereld kan worden opgebouwd uit contouren, vlakken en ritme.
Münter werd geboren in 1877 en groeide uit tot een van de centrale figuren van het Duitse modernisme. Toch is haar naam decennialang overschaduwd geweest door Wassily Kandinsky, met wie zij een intense persoonlijke en artistieke relatie had. In kunstboeken werd zij vaak gepositioneerd als leerling, muze of begeleider. Wat deze tentoonstelling laat zien, is hoe beperkt en onjuist dat perspectief is.
Je merkt dat de curatoren bewust afstand nemen van dat oude narratief. Kandinsky is aanwezig, maar niet dominant. De focus ligt op Münters eigen keuzes: haar vroege experimenten met fotografie, haar krachtige schilderijen uit Murnau, haar rol binnen Der Blaue Reiter, en vooral haar consequente zoektocht naar eenvoud zonder banaliteit.
Wat Contours of a World zo interessant maakt, is dat je niet alleen een retrospectief ziet, maar ook een alternatief pad van de moderne kunst. Waar veel mannelijke tijdgenoten steeds abstracter en theoretischer werden, bleef Münter dichtbij het alledaagse. Huizen, interieurs, landschappen, mensen aan tafel. Ze vereenvoudigde vormen, maar verloor nooit de menselijke maat.
Haar schilderijen uit Murnau – met hun donkere omlijningen en verzadigde kleuren – voelen bijna tijdloos. Ze zijn modern, maar niet koud. Experimenteel, maar niet afstandelijk. Je ziet hoe zij het expressionisme naar zich toe trekt: minder drama, meer structuur. Minder explosie, meer balans.
En dan is er haar fotografie. Lang genegeerd, hier eindelijk serieus genomen. Je ziet snapshots van reizen, vrienden, straatbeelden. Niet als documentatie, maar als onderzoek. Kadrering, perspectief, ritme: thema’s die later terugkeren in haar schilderkunst. Het suggereert een Münter die haar tijd vooruit was, die media combineerde op een manier die nu pas echt wordt gewaardeerd.
Als je door de zalen loopt, dringt zich een ongemakkelijke vraag op: waarom heeft dit zo lang moeten duren? Het antwoord ligt deels in de structuren van de kunstgeschiedenis. Münter was financieel onafhankelijk, ongehuwd, en weigerde zich te voegen naar conventies. Ze paste niet in het romantische beeld van de gekwelde mannelijke genie, noch in dat van de volgzame vrouwelijke kunstenaar.
Na haar breuk met Kandinsky raakte ze geïsoleerd. Tijdens het naziregime leefde ze teruggetrokken, maar ze redde in stilte een groot deel van de moderne kunst door werken van Der Blaue Reiter verborgen te houden. Een daad van culturele moed die pas veel later erkenning kreeg.
Contours of a World is meer dan een tentoonstelling; het is een correctie. Een herschrijving van de canon, zonder sensatie, maar met precisie. Je loopt naar buiten met het gevoel dat je iets hebt ingehaald. Niet omdat Münter vergeten was, maar omdat wij haar te lang niet echt hebben gezien.
En misschien is dat wel de stille kracht van deze tentoonstelling: ze vraagt je niet om te juichen, maar om opnieuw te kijken. Langzamer. Aandachtiger. Zoals Münter dat zelf deed.